Productoverzicht, uitleg kenmerken

De NVHP heeft van de meeste stollingsproducten -per aandoening- de belangrijkste kenmerken op een rij gezet.

Klik hieronder de tabellen aan

Stollingsproducten voor hemofilie A 

Stollingsproducten voor hemofilie B

Stollingsproducten voor de ziekte van Von Willebrand

Stollingsproducten met DDAVP

Stollingsproducten voor zeer zeldzame deficiënties

Stollingsproducten bij Remmers

Alle gegevens zijn door de fabrikanten/importeurs aangeleverd. De producten staan alfabetisch gerangschikt op productnaam. Welk product de voorkeur geniet moet onderwerp van gesprek zijn tussen arts en patiënt. De NVHP aanvaardt geen verantwoordelijkheid voor eventuele onjuistheden in dit overzicht.

Uitleg kenmerken

Uit bloed of recombinant: Bron is bloedplasma of eiwit gemaakt in cellen door recombinant DNA techniek

Houdbaarheid gekoeld (2-8˚C): Hoe lang en onder welke temperatuur kunt u het product bewaren? Veel producten moet u gekoeld bewaren. De houdbaarheid bij kamertemperatuur is veel korter.

Houdbaarheid kamertemperatuur (tot 25 °C): Het product mag gedurende één enkele periode maximaal de aangegeven duur bij kamertemperatuur worden bewaard. Na deze periode mag het product niet terug in de koelkast worden geplaatst, maar moet het worden gebruikt of weggegooid.

De beschikbare sterktes (IE): Verpakkingen van deze IE zijn beschikbaar

Profylaxe doseringsadvies: Hoeveel eenheden product per kilo lichaamsgewicht toegediend per x aantal dagen voor een volwassene voor profylactische behandeling (volgens de productinformatie). Dit doseringsadvies betreft volwassen patienten en is een gemiddelde. Alleen uw behandelend arts kan in overleg met u de voor u juiste doses vaststellen. De frequentie in de adviezen laten zien of een product een verlengde werking heeft.

Fabrikant -> importeur: Ten eerste de fabriek die het product maakt, ten tweede de handelaar die het product in Nederland te koop aanbiedt.

Werkzame stof: Naam van de werkzame stof.

Datum eerste handelsvergunning: De datum waarop de fabrikant voor het eerst de vergunning kreeg om het middel te mogen verkopen.

Extra monitoring: Heeft een geneesmiddel een zwart driehoekje dan houdt het CBG het extra in de gaten, zij vragen de gebruiker extra te letten op bijwerkingen en deze te melden. Dit gebeurt onder andere bij nieuwe middelen. Ze zijn dan al wel heel goed onderzocht, maar de keuringsinstantie wil bijvoorbeeld in de gaten houden welke bijwerkingen er optreden die voorheen niet bekend waren.

Link naar instructiefilm: Een filmpje gemaakt over het gereedmaken voor gebruik en inspuiting van het stollingsproduct. Eerst moet het stollingspoeder worden opgelost in de vloeistof (het reconstitueren), daarna naar de injectiespuit overgebracht. Ook het inspuiten vergt de nodige handelingen.

Link naar SmPC: SmPC of SPC (Summary of Product Characteristics) = Samenvatting van de kenmerken van het product. De productinformatie voor artsen en apothekers. Dit staat in de Geneesmiddelenmiddeleninformatiebank van het CBG. In de tabellen staat de link naar de betreffende informatie.

ATC-code: Classificatiesysteem voor geneesmiddelen, naar het orgaan of systeem waarop ze werkzaam zijn en daarna op therapeutische en chemische eigenschappen. Wikipedia over ATC-code.

Registratienummer: Het nummer dat een geneesmiddel krijgt bij registratie. RVG-nummers zijn van geneesmiddelen die door het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen voor Nederland werden geregistreerd. Tegenwoordig worden alle biologische geneesmiddelen door de EMA voor Europa geregistreerd met een EU-nummer.

Productiemethode: Methode gebruikt voor zuivering van de stollingsfactor.

Virusinactivatie/verwijdering: Bewerkingen om virussen te inactiveren en te reduceren.

Gebruikte cellijn: Voor de productie van het stollingseiwit wordt gebruik gemaakt van gekweekte cellen. Die cellen worden genetisch gemodificeerd om stollingsfactor te produceren. De cellen komen van dieren of van mensen.

Bloedcomponenten gebruikt in: - Voeding celkweek - Stabilisering met eiwit: Tijdens de productie worden eiwitten van menselijk bloed gebruikt, om de op te kweken cellen mee te voeden en/of de gezuiverde stollingsfactor te stabiliseren (beschermen tegen afbraak).

Donorinformatie: Informatie over het type bloeddonor (betaald/onbetaald). Niet van toepassing voor recombinant producten.

Het toedieningsvolume: Het volume dat u inspuit.

De prijs per één internationale eenheid stollingsfactor: Hoeveelheid product ten opzichte van 1 ml plasma. IE wordt gedefinieerd door WHO International Standards.

Stollingspoeder: Het poeder zit verpakt in een flesje, ampul, flacon, spuit etc.
Oplosmiddel: Het oplosmiddel zit verpakt in een flesje, ampul, flacon, spuit etc.
Koppeling: Systeem om poeder en oplosmiddel samen te voegen.
Naald: Merk, type en maat naald
Ontsmetting: Hoeveel alcoholdoekjes.
Verbandmiddel: Pleister of verband

Plaats(en) partijnummer en titel: Houd een (digitaal) logboek bij van de injecties. Vermeld wanneer u welke hoeveelheid product gebruikte en wanneer u welke bloedingen kreeg. Noteer daarin ook altijd het partijnummer. Bij eventuele bijwerkingen valt dan te achterhalen welke partij voor problemen zorgt. Het nummer kan op de buitenverpakking (het doosje) en/of de primaire verpakking (flesje, flacon, spuit) staan vermeld onder de titel Lot, Batch of Charge.

Update: Datum waarop de informatie van dit product voor het laatst is herzien.